Schilderen met aquarel

Schilderen met aquarel is populair. En niet zonder reden: aquarel is een heel expressief, levendig medium, waar relatief weinig materiaal voor nodig is.

Het vloeiende karakter van aquarel heeft ook een nadeel: de verf blijft niet aan de oppervlakte, maar trekt snel in het papier. Elke penseelstreek is quasi definitief. Er zijn heel wat manieren om in aquarel te werken, heel wat technieken.

Aquarel behoort tot de waterachtige verven. Die kunnen onderverdeeld worden in drie groepen:

  • de inktachtigen: lossen volledig op in water.
  • de plakkaatverven: verven met relatief dik en korrelig pigment, worden ook wel ‘dekkende waterverf’ genoemd.
  • de aquarelverven: hebben overeenkomsten met plakkaatverf, maar hebben geen vulmiddelen in zich, d.w.z. geen volumemakende producten.

 

Aquarelverf wordt gemaakt op basis van een pigment aangevuld met een bindmiddel. Aquarel is m.a.w. een pigmentverf, geen kleurstofverf. Belangrijk onderscheid: met een pigment maak je verf die lichtecht is, met een kleurstof maak je inkt die misschien even mooi lijkt, maar die inkt is minder lichtecht

Verpakkingssystemen

De twee grote groepen verpakkingssystemen zijn enerzijds de vaste vorm of kuipje, anderzijds de tube. Daarnaast heb je ook het aquarelkrijt en het aquarelpotlood.

Kwaliteit

Zowel bij de vaste vorm als bij de tube, het krijt en het potlood wordt een onderscheid gemaakt tussen verschillende kwaliteiten:

  • de studiekwaliteit: vervaardigd op basis van pigment van minder zuivere kwaliteit.
  • de professionele kwaliteit: vervaardigd op basis van hoogwaardig pigment, d.w.z. met een zo zuiver mogelijk pigment. Er zal ook méér pigment aanwezig zijn per hoeveelheid verf.

Wat maakt een pigment tot een hoogwaardig en bijgevolg duur pigment? Een hoogwaardig pigment is een pigment waarbij zoveel mogelijk onzuiverheden verwijderd werden, dat grondig gereinigd werd. Het is ook fijner van korrel. Hoe fijner een pigment gemalen wordt, hoe beter de kwaliteit. (Tot op een bepaald moment: je kan een pigment ook stukmalen, dan wordt het dof.) In de praktijk zal je merken dat wanneer je met een fijn (hoogwaardig) pigment schildert, je de verf heel fijn kan uitspreiden. Wanneer je dit bij een studiekwaliteit doet, blijft de kleur niet mooi, het pigment krijgt een vuile kleur. Ook de kostprijs van het pigment op zich speelt een rol. Zo laat de hoge kostprijs van de grondstof cadmium het bijvoorbeeld niet toe om in de studiekwaliteit gebruikt te worden.

Dekkingswaarde en lichtechtheid

Dekkingswaarde en lichtechtheid zijn 2 eigenschappen van aquarelverf die worden gecatalogeerd van laag naar hoog. Ze vormen echter geen indicatie voor de kwaliteit van de verf. De dekkingswaarde heeft onder meer te maken met het feit dat er bijvoorbeeld lijm werd toegevoegd om de verf meer dekkend te maken. De lichtechtheid wordt bepaald door de specifieke eigenschappen van een bepaald pigment en wordt bij de verschillende merken ofwel aangeduid met een letterindicatie (AA is extreem permanent), of met een aantal sterren.

Aquarel is spelen met water

Met aquarel schilder je vooral ín het papier, niet óp het papier. Dit geeft kleursterkte en diepte aan je werk. Vandaar dat vooral zuigend papier gebruikt wordt en er gewerkt wordt met veel water. Er zijn ook soorten aquarelpapier die je op voorhand, voor het schilderen, nat maakt. Bij deze techniek zal de eerst toegevoegde verf lang nat blijven. Hoe langer je werkt, hoe droger je blad wordt en hoe minder je verf uitloopt. Je kan echter ook werken op niet-zuigend papier. Dit kan noodzakelijk zijn wanneer je bijvoorbeeld werkt met verschillende technieken op een blad. Een voorbeeld is de combinatie van een pentekening met aquarel. Omwille van de fijnheid van de pentekening moet op stevig, niet-zuigend papier gewerkt worden. Wanneer je in combinatie hiermee de aquareltechniek gaat gebruiken, vereist dit een zeer gedoseerde waterhoeveelheid, omdat het papier weinig water opneemt. Ook de waterkwaliteit speelt een rol. Elk water heeft zijn specifieke eigenschappen. Zo is gedistilleerd water zuiverder en zachter dan kraantjeswater, maar ook meer vatbaar voor bacteriën en schimmels. De vraag is: hoe ver ga je hierin? Echte perfectionisten gebruiken wellicht gedistilleerd water + een minimum aan detergent of alcohol. Deze twee laatste stoffen hebben de eigenschap om de oppervlaktespanning van het water te breken, wat het schilderen vergemakkelijkt.

Papier

Veel aquarelpapier is gemaakt op basis van katoen. De lange katoenvezel maakt een goede binding mogelijk, waardoor het papier ook in natte toestand nog stevig is en niet uit elkaar valt. Papier op basis van cellulose heeft een kortere vezel. Dit papier gaat sneller golven wanneer je het nat maakt. Eigenlijk kan je voor aquarel elk papier gebruiken dat niet uiteen valt wanneer je water gebruikt. Zo is echt zijdepapier flinterdun, maar toch heel sterk. De zijdevezel is een lange vezel en maakt het mogelijk heel sterk papier te maken, met een goede zuigkracht. (In China wordt dit zijdepapier vaak op een ander, stevig papier gelegd en werkt men op deze combinatie.) Schilderen op schilderdoek met een aangepaste aquarelgesso kan ook.

Borstels

Bij een zuigend papier gebruik je best een waterophoudend penseel, zoals eekhoornhaar of marterhaar. De meeste synthetische haren hebben de eigenschap om minder water vast te houden in het penseel en sneller het water te laten vallen, waardoor het onmogelijk is een verf evenredig verdelend te schilderen. Met drogere aquarelverf, bijna zonder watertoevoeging, geven hardere varkensharen en synthetische borstels wel mooie veegeffecten.

Tenslotte enkele hulpmiddelen

Om bepaalde eigenschappen van de verf te verhogen of om een bepaald effect te verkrijgen zijn er allerlei hulpmiddelen op de markt: voor meer textuur, voor een tragere droging, voor een grotere dekking. Aan u om te proberen en te experimenteren!

Met dank aan Kunstwerk[t]